Wat vooraf ging ...
Programma punten
Fietsroute
Minder Belastingen
Meer Parkeergelegenheid
Eénrichtingsverkeer
Voltooiing kleine ring
Andere Programmapunten
Bloemlezing
Contact formulier

 

Bloemlezing uit roman: “De open riool”

Korte inhoud:
Het hoofdpersonage, architect Pieter Van Maerlant, raakt verwikkeld in politieke intriges en belandt in de gevangenis. Dit alles speelt zich af in een Dendermondse context.

Auteur: Wim Vander Cruyssen

+/- 200 blz

verrijkt met een 10-tal cartoons.

Prijs in voorverkoop: 10 €
Te verkrijgen door overschrijving op: 750-9460212-57 van Wim Vander Cruyssen, Sint-Ursmarusstraat 182/1, 9200 Baasrode

Publicatiedatum: begin oktober 2006

De volledige winst gaat naar goede doelen

Tekstfragment: hoofdstuk “de nuttelozen van de nacht”

Nuttelozen van de nacht

Zoals van hem verwacht werd, schreef Van Maerlant zich in voor de Christmas Party van de Dendermondse libertijnen. Hij was net op tijd en de zaal in la Patrie zat al afgeladen vol. Aan de opkomst te zien, was het duidelijk een succes. De aanwezigen waren allen opgedirkt, zoals men op een bal mag verwachten. Tijdens de receptie verzamelden enkele nieuwsgierige tantes zich rond Van Maerlant. Vragen zoals of hij nu het liefst op zijn vader of zijn moeder geleek, of hij nog geen vriendin had en hoe de zaken gingen, werden op hem afgevuurd. Kortom, van die typische receptievragen, waar hij na enkele minuten genoeg van had. De redding kwam toen de gasten aan tafel werden uitgenodigd. Van Maerlant kreeg een tafel achterin de zaal. Na een blik in de zaal geworpen te hebben, concludeerde hij dat de tafels schijnbaar geschikt waren volgens de belangrijkheid in de partij. Charles Pierre en Sauvage zaten prominent vooraan in de zaal. Aan hun tafels zaten notabelen zoals de Dendermondse libertijnse notaris Anna Vanderborght, enkele succesvolle zakenmensen en ook minister Mark Versmissen was voor de gelegenheid aanwezig. Het hele gebeuren werd duidelijk gesponsord. Op elke tafel prijkte een reclamefolder. Een lokale bierbrouwer was zo vriendelijk geweest alle tafels gratis te voorzien met een kruik bier. Van Maerlant, de jongste telg van de libertijnse partij, mijmerde over zijn politieke carrière en dacht aan wat hij zou gerealiseerd hebben binnen enkele jaren. Hij nipte tevreden van het koele gerstenat, het feestje mocht beginnen.

De sfeer was uitzinnig, het diner uitstekend. De avond was één groot succes. Als apotheose werden de aanwezigen getrakteerd op een tombola, waar men met de prijzen gooide. Huishoudtoestellen, peperdure waardebons en dergelijke werden verloot. Quizmaster van dienst was niemand minder dan Kamervoorzitter Johan Populus. Hij riep Pierre en Sauvage bij zich. Sauvage zag er schitterend uit en had een prachtig gedecolleteerd kleedje aan. Populus stelde haar enkele vragen, waarop ze een bijna kinderachtige reactie gaf. Ze hield haar hoofd wat gebogen en lachte schuin verlegen. "Voor de hoofdprijs laat ik een lotje trekken door onze Dendermondse apotheker Sauvage. Gelukkig moet je een lotje trekken en geen pilletje draaien,” grapte Populus. Céline giechelde bij de opmerking. Ze trok een lotje en de hoofdprijs ging naar niemand minder dan mevrouw Asinus, de moeder van Jef Asinus. De hilariteit nam toe. Oud-senator Asinus zette zich recht en haastte zich naar Populus. "Wij geven dit lotje weg,” zei de oud-senator. Populus vroeg de zaal om een warm applaus.
"Allé, ons apothekeresje is er nog niet van af. Ze mag nog een pilletje draaien, eh kaartje trekken,” zei Populus. Céline stond daar opnieuw stuntelend te lachen. Het lotje ging naar een onbekende aanwezige. Er volgde nog een warm applaus en de voorstelling werd gesloten. Populus deed zijn toer in de zaal en drukte elkeen welwillend de hand. Toen hij aan de tafel van Van Maerlant kwam, vroeg hij: "Ah, goedenavond, hoe is't?” alsof hij hem al jaren kende.
Van Maerlant herkende deze schijnvriendelijkheid en grapte "Mijn moeder ligt op sterven en mijn vader is gisteren gestorven."
Populus hoorde dat echter niet en drukte inmiddels al anderen de hand. Het fenomeen Populus verliet daarna het feest en ging - zoals gebruikelijk- naar een volgend adres.

Nadien volgde een danspartij met een dansoptreden van Choco Inc, een moderne popgroep, waarna alle aanwezigen op de dansvloer werden gevraagd. De DJ speelde veelal oubollige muziek, maar al bij al was het wel gezellig. In de vroege uurtjes leek alles een beetje te ontsporen. De altijd stijlvolle Céline Sauvage was met haar man Piet Nies huiswaarts gekeerd, maar stond daar totaal onverwachts terug in de feestzaal van La Patrie. Ze wankelde op haar benen. Van Maerlant genoot van het zicht en ging naar haar toe. "Céline, waar is Uw vent?" zei hij nogal plat.
"Ik heb hem naar zijn bedje gedragen, maar ik ben te wild om te gaan slapen. Ik moet nog getemd worden,” zei ze dronken, terwijl ze haar armen rond Van Maerlant sloeg en aanstalten maakte om hem te kussen.
Van Maerlant twijfelde. De drank speelde in zijn hoofd, maar de rede verbood hem de getrouwde vrouw te kussen en hij kon net op het nippertje zijn hoofd draaien. De kus kwam op zijn wang terecht.
Sauvage reageerde meisjesachtig en zette enkele stappen achteruit. "Zo, je apprecieert mijn gezelschap blijkbaar niet?” vroeg ze uitdagend.
"Jawel, Céline, ik vind je een heel leuke vrouw, maar ik zou…" zei Van Maerlant, terwijl hij werd onderbroken door Charles Pierre die bij hen kwam staan.
"Awel, Célineken moet gij nog niet gaan slapen?” opperde Pierre ietwat denigrerend. Maar Sauvage lachte uitzinnig, sloeg haar armen rond Pierre en bekende: "Ik wil met U de ganse nacht dansen."
Het duo verdween op de dansvloer, waar juist een slow werd gedanst. Hopelijk blijft het bij dansen, dacht Van Maerlant.
Van Maerlant keek verder in de zaal en zag een aantal jong-libertijnen geamuseerd bij elkaar staan. Ze waren duidelijk met iets aan het spotten. Toen hij dichterbij kwam zag hij wat er aan de hand was. Kees Frumsetorg lag op een tafel voluit te tongzoenen met een nieuwe verovering, een zekere Melanie. Het was werkelijk een komisch zicht. De drank deed blijkbaar ook zijn werk bij Frumsetorg.
Van Maerlant die zelf nog een vrijgezel was, vond de situatie best vermakelijk. Hij bestelde nog pintje en bemerkte plots een jonge hinde achter de vestiaire. Halfdronken knoopte hij een gesprek met haar aan. Ze was een mooie blonde ranke verschijning.
"Is het wat meegevallen deze avond?” vroeg hij haar.
"Er was enorm veel volk."
“Drink je iets?”
“Een Wadca-orange, graag!”
Van Maerlant bezorgde snel de wodka en trachtte terug met haar aan de praat te geraken.
"Maar hoe heet jij eigenlijk?"
"Babette"
Ondertussen kwamen Sauvage en Pierre naar de vestiaire gestapt. Vooral Sauvage was er erg aan toe. Ze wou Van Maerlant vastgrijpen, maar mispakte zich. Ze viel pardoef de grond op en bleef liggen.
“Wat nu?” vroeg Van Maerlant retorisch .
“Grijp haar bij de haar benen en ik neem de armen,” zei Pierre.
Van Maerlant deed wat er hem gevraagd werd en nam Sauvage bij de benen vast.
“Lieveling, neem mij in je armen,” broebelde Sauvage.
“We gaan je naar huis voeren,” antwoordde Pierre stoer.
Pierre en Van Maerlant droegen Sauvage buiten en sleepten haar tot aan de wagen.
“Leg ze maar op mijn achterbank,” zei Pierre kort.
“Oh, op de achterbank! Dat is lang geleden,” zei de zatte Sauvage.
Beiden duwden Sauvage op de achterbank en stapten in de wagen.
“Goed en nu naar Villa Rosa,” zei Pierre nors.
Villa Rosa verscheen als een schim uit de duisternis. Pierre stapte uit en belde aan. Er ging een licht aan op de eerste verdieping en Nies opende het venster. Pierre riep hem iets toe en even later verscheen Nies in badjas aan de inkomdeur. Pierre en Van Maerlant sleepten Sauvage uit de wagen.
“Laat mij lopen! Ik ben niet zat hoor,”beval Sauvage.
Sauvage strompelde naar de inkom.
“Je moet zo niet naar mij staren!” Snauwde ze naar haar man.
Beiden verdwenen in het huis en Pierre en Van Maerlant reden naar huis.
“Weet je waar ik haar heb gevonden?” vroeg Pierre
Van Maerlant schudde het hoofd
“Ze lag in het toilet te braken,” vervolgde Pierre.
“En, hebben gasten het gezien?” vroeg Van Maerlant.
“Of gasten het gezien hebben? Verdorie gans La Patrie stond rond haar! En Stermon, die snoeper, probeerde haar nog te verleiden! Maar daar heb ik een stokje voorgestoken!” zei Pierre nors.
“Versta jij nu waarom Granmaitre zo iemand in Dendermonde steunt?”
“Granmaitre tolereert geen raspaarden in zijn omgeving. Een zatte fles, die de mannen niet met rust laat. Zo iemand, ja, krijgt blindelings de steun van Granmaitre.”
Nadat Pierre Van Maerlant bij zijn wagen dropte, besloot deze laatste opnieuw naar La Patrie terug te keren. Toen hij in de feestzaal aankwam, botste hij op de jonge bende. Die waren uitbundig aan het lachen.
“Wat was dat met Sauvage?” vroeg Frumsetorg, die blijkbaar had afscheid genomen van zijn vriendinnetje.
“Te diep in het glas gekeken, zeker?” ontweek Van Maerlant.
“Veel te diep zou ik zo zeggen. Ze zat op toilet te kussen met Stermon. Je moet toch wel heel zat zijn om met zo iemand te kussen!” onderstreepte Frumsetorg en vervolgde: "Kijk eens wat ik hier heb."
Hij hield een boek in zijn handen. De andere jongeren stonden te schudden van het lachen. Van Maerlant kon de titel niet goed lezen.
Frumsetorg vervolgde: "Weet jij hoe de man van Sauvage noemt?"
"Piet Nies,” twijfelde Van Maerlant.
Frumsetorg ging verder: "Ik heb hier een boek bij dat door hem is geschreven."
Van Maerlant las luidop de titel: "De fotosynthese bij de planten."
Frumsetorg onderbrak hem: "Neen, niet de titel moet je lezen, maar de auteur."
Van Maerlant las luidop: "Professor doctor P. Nies, "Penis"?"
De jongeren schaterden het uit van het lachen: "Penis, Penis, hahaha, Sauvage is getrouwd met een Penis,” schaterde iemand.
Jadus Lepinne was bij het groepje komen staan en probeerde ook grappig te zijn. “Weet je dat al van Jef Asinus?” vroeg hij retorisch. “Hij heeft zichzelf vorige week gedagvaard.”
“Uzelf dagvaarden?” verwonderde Marie zich.
“Ja, hij was het beu te moeten wachten op een vonnis en dacht dan maar zichzelf te kunnen dagvaarden,” legde Lepinne uit.
“En wat heeft de rechter gezegd?” pikte Frumsetorg in.
“Die heeft hem daar staan uitkafferen. Asinus was er niet goed van. Naar het schijnt heeft Asinus dan gezegd dat hij een brief ging schrijven naar Minister Mark Versmissen over het incident. Toen is de rechter pas echt boos geworden en heeft toen aan de zaalwachter gevraagd om “Meester” Asinus te verwijderen. Er zou nu een tuchtprocedure volgen. Zijn vader zal weer eens moeten interveniëren...”
De jongeren stonden vermakelijk te lachen.
“Ik durf met moeite tegen iemand zeggen dat ik hem ken,” antwoordde Frumsetorg. “Zijn laatste stoot was de vervalsing van een lotje van de lokale middenstand. Je weet wel, de middenstand doet jaarlijks een tombola in Dendermonde en dit jaar werden er fietsen verloot. Asinus had blijkbaar een bijna winnend nummer. Precies één cijfer zat hij ernaast. Hij had er niets beter op gevonden dan het cijfer te vervalsen. Toen er zich niemand anders als winnaar aangaf, is hij met zijn vervalst lotje zijn fiets gaan opeisen. Na enkele dagen bleek echter dat het lotje niet was uitgedeeld. Men heeft toen het lotje van Asinus nagekeken en de fraude ontdekt.”
“Wat hebben ze dan gedaan?” vroeg Marie.
“Asinus is toen weer eens beginnen wenen en hij heeft gezegd dat zijn zoontje het lotje heeft vervalst. Zijn zoontje is vijf jaar!” voegde Frumsetorg toe.
“We kennen allemaal Jef. Wat kan je met zo iemand aanvangen? Ik heb eens gehoord dat hij een schaapverkrachter moest verdedigen in de rechtbank. In plaats van wijselijk te zwijgen en zoveel mogelijk te relativeren had Asinus niets beter gevonden dan een gedetailleerde beschrijving te geven van de feiten. In het bijzijn van zijn cliënt heeft hij dan uitgelegd hoe de dader het schaap vastnam bij zijn poten en overging tot de daad. Hij wou – naar het schijnt – bewijzen dat het schaap er zelf om had gevraagd. Op een bepaald moment is de rechter beginnen huilen van het lachen en is de zitting opgeschort.”
“Heeft hij een milde straf kunnen bedingen?” vroeg Lepinne zich af.
“Hij heeft nog nooit een rechtszaak gewonnen,” antwoordde Frumsetorg.
“Hij stond ooit eens te pleiten en de rechter onderbrak hem: “Meester Asinus, welke partij verdedig jij nu eigenlijk?”
“Ik heb zelfs gehoord dat hij aan een rechter vroeg of die ooit in de gevangenis had gezeten?” repliceerde Frumsetorg en vervolgde: “Asinus was kwaad omdat zijn cliënt onterecht in de gevangenis had geslapen en stelde daarom die vraag.”
“Wat was de reactie van de rechter?” vroeg Van Maerlant
“Hij mocht direct stoppen met pleiten!” zei Frumsetorg geamuseerd.
“Ik heb gehoord dat hij aan een wetsdokter vroeg of het lichaam nog ademde tijdens de autopsie,” zei Lepinne.
“Wat antwoordde de dokter?” vroeg Frumsetorg
“De dokter antwoordde: Neen, Meester Asinus, het lichaam stond rechtop en vroeg zich af waarom ik zijn maag opensneed!”
De bende bulderde van het lachen.
"Is zijn vader niet wat slimmer? Die was toch senator?” kwam Van Maerlant tussen.
Lepinne antwoordde: "Het schijnt dat zijn vader niet veel slimmer was. Die plaatste eens twee maanden na elkaar hetzelfde agendapunt op de gemeenteraad. Hij was blijkbaar verstrooid..."
"Hij was misschien zat, zoals gewoonlijk,” grijnsde Frumsetorg vermakelijk.
"Wie weet, maar weet je dat hij ooit eens een aannemer liet benoemen als handelsrechter twee weken voor die failliet ging? Dat was de eerste failliete handelsrechter uit de Belgische geschiedenis!" ging Lepinne verder.
"Hoe kan dat?” verwonderde Frumsetorg zich.
"Ik heb horen zeggen dat die aannemer het steakfestijn van de libertijnse fanfare had gesponsord en dat Asinus hem hiervoor wou bedanken met een mandaat van handelsrechter. Allé, Asinus heeft geluk gehad dat ze hem hierover niet hebben aangepakt."
Frumsetorg ging verder: "Ik heb horen zeggen dat de libertijnse middenstandsorganisatie na zijn leiding op de rand van bankroet stond. Ze hebben toen een crisismanager aangesteld. Naar het schijnt kent de oude Asinus het verschil niet tussen debet en credit. Je kan je inbeelden hoe zijn rekening eruit ziet! Maar Jef is duidelijk de domste van de familie. Je moet eens naar zijn antwoordapparaat bellen. Dat gaat zo: "U bent verbonden met het automatisch antwoordapparaat van Meester Jef A-si-nus,” zo gesplitst, en dan komt het: "U kan mij terugbellen na de bieptoon,” hoor je het: "Terugbellen na de bieptoon!" En dat berichtje staat er al jaren op. Kun je je voorstellen wat zijn klanten van hem denken? Het is toch een ezel die Asinus.”
De jongeren schaterden het uit. De groep was duidelijk in de wind. Van Maerlant verliet pas in de vroege uurtjes het gezelschap. Toen hij voorbij de verlaten vestiaire stapte, dacht hij aan die mooie babette.

* * *